Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

 

Meijerink groep

In mijn onderzoeksgroep wordt onderzoek gedaan naar T-cel acute lymfatische leukemie (T-ALL) en T-cel non-Hodgkin’s lymfomen (T-NHL). Deze patiënten worden behandeld met zeer intensieve chemotherapie. Bij één op de vijf T-ALL patiënten blijkt de behandeling toch onvoldoende en keert de ziekte terug. Deze terugkerende leukemie is meestal zeer ongevoelig voor verdere behandeling. De meeste van deze patiënten komen dan helaas ook te overlijden. De patiënten die de ziekte wel overwinnen krijgen op latere leeftijd vaak last van de gevolgen van de intensieve chemotherapie. Voorbeelden hiervan zijn hartproblemen, het afsterven van botweefsel en soms het ontwikkelen van een andere vorm van kanker.

PI: Dr. Jules Meijerink

Samen met mijn enthousiaste onderzoeksteam probeer ik de oorzaken van T-ALL te ontrafelen. Hiervoor onderzoeken wij onder andere het DNA van de leukemiecellen. Wij lezen daarvoor het DNA in de cellen af en kijken waar er fouten zijn opgetreden. Wij onderzoeken vervolgens of sommige van deze fouten samenhangen met terugkeer van de ziekte of met ongevoeligheid voor de behandeling. Ook kijken we hoe deze fouten bijdragen aan het ontstaan van de leukemie.

Deze kennis geeft ons inzicht in het ontstaan van een T-cel leukemie of lymfoom maar ook hoe deze ziekte in interactie met andere cellen kan ontsnappen aan de toxische effecten van  chemotherapeutische behandeling waardoor een ziekte kan terugkomen (relapse). Om in de toekomst meer T-ALL patiënten te kunnen genezen en de nadelige effecten van de behandeling te kunnen verminderen, zijn er nieuwe medicijnen nodig. Hiervoor doen we onderzoek op een aantal niveaus, en kijken we bijvoorbeeld waar in het DNA van een leukemie of lymfoom cel veranderingen (mutaties) zijn opgetreden, en hoe dat leidt tot foutieve expressie van coderende stukken DNA of leidt tot foutieve eiwitten. Zo hebben wij onlangs ontdekt dat specifieke fouten in de leukemiecellen ervoor zorgen dat de cellen ongevoelig worden voor een belangrijk chemotherapeuticum. Vervolgens is het ons in laboratoriumproeven gelukt deze ongevoeligheid te omzeilen met experimentele medicijnen, die we nu verder aan het onderzoeken zijn hoe we deze kunnen inzetten in toekomstige therapie.

Daarnaast kijken we hoe deze cellen zich kunnen verbergen in weefsels en daar direct communiceren met normale cellen en daardoor beschermt worden tegen de toxische effecten van chemotherapie. Met ons onderzoek krijgen wij inzicht wat er dus mis gaat in het DNA van de leukemiecel zelf en hoe dit belangrijk is in het ontstaan en instandhouding van de leukemie of lymfoom cel, maar ook hoe deze kwaadaardige cellen communiceren met normale cellen en daarmee de leukemie cel juist helpt. Met deze kennis willen we nieuwe gerichte medicijnen ontwikkelen die belangrijke processen in de leukemie cel zelf blokkeren of de communicatie tussen leukemie cellen en normale omgevingscellen verstoren.

Meijerink groep