Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Patrizia D'Olivo

Patrizia D'Olivo

PhD Student
Het ontwerpen van tactvolle objecten; een onderzoek door ontwerp benadering voor gevoelige situaties
Phone +31 (0) 16 09 04 54

Dit multidisciplinaire PhD-project is een samenwerking tussen Technische Universiteit Delft (TU Delft), Prinses Máxima Centrum en het Revalidatiefonds. Het doel van het project is om te ontdekken hoe nieuwe interactieve objecten ontworpen kunnen worden om een tactvolle hulpverlener te zijn voor families die stressvolle situaties ervaren, zoals kanker in de kindertijd. Dit brengt specifiek met zich mee dat de tactische ondersteuning een speelse proactieve versterking moet zijn voor de kinderen en de desbetreffende families om zo een normaal hedendaags leven te behouden gedurende de lange behandelperiode. Het project volgt een Research Through Design approach wat betekent dat de interactieve ontwerpen zijn gebouwd als prototypes en beschikbaar zijn gesteld aan de patiënten en hun families in opdracht om ze te testen en te evalueren. De observaties en opmerkingen gedeeld door de patiënten en de families over de ervaringen die zij hebben met de prototypes vormen primaire kennis om kaders op te zetten voor het definiëren van tact als een belangrijke factor voor de introductie van technologie als een bemiddelaar van interactie in gevoelige situaties. Begrijpen waar deze kinderen en hun families waarde aan hechten en wat ze waarderen aan de ontworpen objecten zal helpen in het specifiëren van hulplijnen (tactfulness guidelines) voor het ontwerpen van innovatieve interactieve objecten, geschikt voor gevoelige situaties.

Patrizia's project wordt uitgevoerd in samenwerking met TU Delft.
Zij wordt begeleid door Prof. Dr. Elisa Geiaccardi (TU Delft), Dr. Marco C. Rozendaal (TU Delft) en Prof. Dr. Martha Grootenhuis.