Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Nieuwe immunotherapie geneest meer kinderen met lymfeklierkanker

De behandeling van kinderen en adolescenten met een B-cel-non-Hodgkin-lymfoom is sinds kort definitief veranderd. Na internationaal onderzoek waaraan het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie heeft bijgedragen, is een combinatiebehandeling van chemotherapie met het medicijn rituximab wereldwijd de nieuwe standaard geworden. Hiermee kan een aanzienlijk deel van de patiënten genezen. De resultaten van de studie zijn op 4 juni 2020 gepubliceerd in het New England Journal of Medicine.
Het B-cel-non-Hodgkin-lymfoom, waaronder het Burkitt-lymfoom, is de meest voorkomende vorm van lymfeklierkanker bij kinderen. De standaard behandeling is een zeer agressieve chemotherapie. Een deel van de patiënten geneest, maar voor een belangrijke groep lagen de kansen minder goed. Om de kans op overleving te verbeteren, is onderzocht of het toevoegen van rituximab aan de standaard chemotherapie veilig is en beter werkt dan chemotherapie alleen. Het medicijn kan mogelijk bijwerkingen veroorzaken, bijvoorbeeld een langdurige onderdrukking van het afweersysteem. Een grootschalig internationaal gerandomiseerd onderzoek was nodig om te beoordelen of rituximab waarde toevoegt aan de chemotherapie.

Combinatie
Vanuit het Prinses Máxima Centrum was kinderoncoloog dr. József Zsiros als klinisch onderzoeker betrokken bij de studie. ‘Rituximab is een in het laboratorium gemaakt eiwit. Het bindt aan de lymfoomcellen en zet daar een reactie van het afweersysteem in gang, waardoor de lymfoomcellen doodgaan. Het is dus een vorm van immunotherapie. Het middel was veelbelovend voor de behandeling van B-cel-lymfomen, maar doorslaggevend klinisch onderzoek naar de werkzaamheid en veiligheid in combinatie met chemotherapie bij kinderen ontbrak nog. En de resultaten zijn heel goed. Met de combinatie is de risico op een terugkeer van of overlijden door de ziekte meer dan drie keer zo klein als met chemotherapie alleen. De driejaarsoverleving in de studie was maar liefst 95%. Ook is de combinatie veilig gebleken. De bijwerkingen waren acceptabel en het afweersysteem toonde bij vrijwel alle patiënten een goed herstel op korte termijn.’

Zsiros: ‘De goede resultaten bieden ook een kans voor het nader onderzoeken of we een deel van de chemotherapie kunnen vervangen door immunotherapie. Daarmee zouden we de bijwerkingen fors kunnen verminderen.’